Het conflict om de Westelijke Sahara verkeert nog steeds in een impasse

Vorige maand stelde de  Vrede en Veiligheidsraad van de Afrikaanse Unie  “diepbezorgd” te zijn over de “impasse van meer dan veertig jaar” in het conflict over de Westelijke Sahara. In 1975 droeg Spanje het bestuur van haar voormalige kolonie over aan Marokko en Mauritanië, maar al in 1976 riep het Polisario Front de Sahrawi Arabische Democratische Republiek (SADR) uit, het begin van een lang conflict. Inmiddels erkennen 84 VN lidstaten de SADR, waaronder geen enkele EU lidstaat, terwijl Marokko al bijna 40 jaar spreekt over haar “zuidelijke provincies”. Hoewel het Internationale Hof van Justitie het zelfbeschikkingsrecht van de Sahrawi erkent, lijkt een oplossing van het conflict ver weg.

Conflict

In 1975 raakte Marokko betrokken in het conflict toen het de ‘Groene Mars’ organiseerde, waarbij 35.000 burgers begeleid door 20.000 soldaten het territorium binnen marcheerden om het te “herenigen met het moederland”. Uiteindelijk leidde de Marokkaanse druk op Spanje tot het tekenen van de Madrid Akkoorden met Marokko en Mauritanië, waarmee Spanje zich terugtrok uit het gebied.  Het Polisario Front, dat zich beriep op de uitspraak van het Internationaal Hof van Justitie, keerde zich tegen de Madrid Akkoorden en vocht met steun van Algerije tegen Marokko en Mauritanië. Marokko begon de oorlog met een groot offensief en door luchtaanvallen op onder andere vluchtelingenkampen vielen er duizenden burgerdoden en raakten veel Sahrawi ontheemd. In 1976 riep het Polisario Front de SADR uit en met Algerijnse en Libische wapens vochten zij succesvol tegen de legers van Marokko en Mauritanië.  In 1979 tekende een verzwakt Mauritanië een vredesakkoord met het Polisario Front en trok zich terug uit de strijd, waardoor de dynamiek van de strijd veranderde. Midden jaren ’80 raakte de strijd in een impasse door een 2700 kilometer lange zandmuur die de Marokkanen dwars door het land bouwden en bewaakten met een enorm aantal soldaten. De gevechten laaiden eind jaren ’80 kortstondig op, tot in 1991 een staakt-het-vuren werd getekend.

Marokkaanse belangen

De Westelijke Sahara is al sinds Marokko ’s onafhankelijkheid in 1956 een prioriteit voor het land en voor een deel wordt de legitimiteit van de staat en het staatshoofd verleend uit de ideologie van een  ‘Groter Marokko’. Het is een belangrijk component van de Marokkaanse identiteit geworden, en dit is ook de reden dat, ondanks dat de hoge kosten van de oorlog, de strijd door een groot deel van de bevolking wordt gesteund. Omdat Marokko een strategische partner is  van onder andere de Verenigde Staten, kon het rekenen op economische en militaire steun, zeker na de Iraanse revolutie in 1979. Door de jaren heen is het standpunt van Marokko niet veranderd; ze weigeren onafhankelijkheid van de Westelijke Sahara in elke vorm, maar steunen plannen voor een autonome Westelijke Sahara onder Marokkaans bestuur.

Referendum

Een mogelijke oplossing zou een referendum kunnen zijn, dat al in 1991 tijdens het staakt-het-vuren werd aangekondigd. Maar al jarenlang is er onenigheid over de kiezerslijst die er tijdens dit referendum gebruikt zou moeten worden. Marokko pleit voor een lijst met nieuwe bewoners van het gebied, terwijl het Polisario Front gebruik wil maken van de census van 1974. In 2003 werd een mogelijk referendum nieuw leven ingeblazen met het Baker II plan, een voorstel dat vijf jaar autonomie aan de Westelijke Sahara zou brengen, waarna een referendum zou worden gehouden onder alle huidige bewoners  over zelfbestuur. Maar uiteindelijk stemde Marokko niet in met het voorstel, waarna diplomatieke vooruitgang uitbleef.

Opdeling  of onderhandelingen

Een andere mogelijke oplossing die naar voren werd gebracht was om het gebied op te delen in twee gebieden; een zelfstandige SADR en een samenvoeging van het door Marokko gecontroleerde gebied met Marokko.  Maar hier is veel weerstand tegen omdat het Polisario Front slechts zo’n 20% van het gebied controleert, dat wordt gescheiden van de andere gebieden door de zandmuur. In 2007 nam de VN Veiligheidsraad een resolutie aan die Marokko en het Polisario Front opriep  één op één te onderhandelen. Deze onderhandelingen vonden verscheidene malen plaats, maar leiden niet tot een oplossing. VN speciaal gezant Peter van Walsum stelde hierop dat “een zelfstandige Westelijke Sahara geen realistisch voorstel is”.

Shuttle diplomatiek

Eind 2012 stelde de nieuwe VN speciaal gezant Christopher Ross voor om “shuttle diplomatiek”, het optreden als tussenpersoon tussen de strijdende partijen,  te gebruiken om “het onderhandelingsproces voorbij de impasse te krijgen”.  Maar deze voortgang kwam er niet.  In april werd het mandaat van de VN missie in het gebied met een jaar verlengd, maar zonder  een bijgaand mandaat om de mensenrechtensituatie te monitoren. Volgens veel mensenrechtenactivisten is de situatie in de Westelijke Sahara nog altijd benard en gebruikt Marokko geweld tegen degene n die zich uitspreken voor onafhankelijkheid. In de vluchtelingenkampen in zuidelijk Algerije, een gebied dat ook wel ‘de tuin van de Duivel’ wordt genoemd, leven al jarenlang ongeveer 165.000 Sahrawi onder vaak erbarmelijke omstandigheden. Toen begin deze maand Marokko en Zweden een diplomatieke aanvaring hadden over een mogelijke wijziging in Zwedens standpunt over de Westelijke Sahara, leek de (Europese) belangstelling te groeien, maar dit leidde opnieuw niet tot een einde aan de impasse.  En zo worden de Sahrawi van de Westelijke Sahara  al veertig jaar vergeten.  

 Linda Kies

Aanmelden nieuwsbrief

Meeschrijven voor de FMS? Stuur je inzending (maximaal 400 woorden) naar info@foundationmaxvanderstoel.nl