The New Alliance for Food Security and Nutrition: commercialisatie van Afrikaanse agricultuur?

In 2012 heeft de G8 tijdens de Camp David Summit een nieuw initiatief gelanceerd: The New Alliance for Food Security and Nutrion, hierna the New Alliance. Afgelopen week blikte The Guardian terug op toen gemaakte voorspellingen over de impact van dit initiatief.

The New Alliance
The New Alliance is een mondiaal initiatief gericht op voedselveiligheid en voeding. Het initiatief heeft twee doelen; enerzijds het bevorderen van verantwoordelijk investeren in de Afrikaanse landbouw en anderzijds het terugdringen van armoede: voor 2022 moeten 50 miljoen mensen uit armoede zijn.

Aan the New Alliance werken drie groepen mee. Allereerst de leiders van de tien deelnemende Afrikaanse staten. Zij moeten hun beleid aanpassen om investeringsmogelijkheden te verbeteren. Ten tweede nemen 45 private bedrijven uit de hele wereld deel, die samen meer dan $3 miljard beschikbaar stellen om het aantal investeringen te vergroten. Tot slot is een rol weggelegd voor de G8 leden die steun betuigen aan Afrika en zorgen voor verantwoording van the New Alliance.

Sceptisch
Vanaf de G8 Summit in 2012 zijn veel kritische geluiden te horen. De voornaamste kritiek gaat over de impact van the New Alliance op kleine Afrikaanse boeren.

Op dit moment zijn tweehonderd beleidsveranderingen doorgevoerd in de tien Afrikaanse landen. Dit gebeurt in rap tempo, waardoor er weinig ruimte is voor onderzoek naar de gevolgen van deze aanpassingen. De nieuwe wetten zouden ten goede komen aan private investeerders, in plaats van kleine boeren. Hierdoor wordt het G8 initiatief ook wel gezien als een nieuwe golf van kolonialisme.

Door het nieuwe beleid wordt land opengesteld voor commerciële investeerders: Ghana maakt 10.000 hectare beschikbaar, Malawi 200.000. Dit is zorgwekkend, aangezien 70% van de wereld gevoed wordt door kleine boerenbedrijven en niet door commerciële bedrijven die vooral op export en grotere markten focussen. Daarnaast gebruiken deze bedrijven een deel van de grond voor non-voedsel gewassen: katoen, biobrandstoffen en rubber. Naast het gebruik van de grond voor andere doeleinden, is er ook verschil in de mate van investeringen tussen de kleine boeren en commerciële bedrijven. Volgens de VN Food and Agriculture Organisation (FAO) investeren kleine en middel bedrijven drie keer zoveel als grote bedrijven.

Door deze gegevens ligt het voor de hand om de kleine boeren groep in de tien Afrikaanse landen te betrekken bij the New Alliance. Dit is tot dusver niet gebeurd, waardoor critici vanaf het begin van een gebrekkig project spraken. Ook zou deze groep juist de grootste profiteur van het programma moeten zijn, nu en in de toekomst, aldus Olivier de Schutter, VN speciaal rapporteur voor het recht op voedsel.

Gevolgen kleine Afrikaanse boeren
Doordat overheden grote hectare land aan commerciële bedrijven beschikbaar stellen is er minder grond over voor kleine boeren. Deze boeren worden daardoor afhankelijk van geïmporteerde zaden. Naast dat deze erg duur zijn, zijn ze veelal genetisch gemodificeerd, wat afbreuk doet aan biodiversiteit. Volgens Zitto Kabwe, voorzitter van de publieke rekenschap commissie van het parlement van Tanzania, lijkt dit sterk op kolonialisme: boeren zijn afhankelijk van zaden waarvan de prijs internationaal wordt bepaald. Grote bedrijven profiteren hiervan, wat volgens Kabwe niet mag gebeuren.

Investeerders
De 45 deelnemende bedrijven, waaronder Unilever, weigeren hun volledige investeringsplannen openbaar te maken. Hierdoor is het onduidelijk wat zij er precies aan overhouden en ook ten koste van wie. Wel geven een aantal bedrijven aan op zoek te gaan naar wederzijdse kansen en voordelen. Dit wordt echter niet concreet gemaakt.

Concreet maken is ook iets wat ontbreekt in the New Alliance zelf, zo beargumenteert Colin Poulton, onderzoeker bij het centrum voor ontwikkeling, milieu en beleid. Hoe de drie groepen de doelen van het initiatief gaan bereiken - verminderen van armoede en het stimuleren van voedselveiligheid en voeding - is niet duidelijk. Hierdoor is volgens Poultin the New Alliance tot nu toe een initiatief om agricultuur in Afrika te commercialiseren.

Vanaf de lancering van het initiatief in 2012 zijn er bedenkingen. Zo waarschuwde Oxfam International vanaf dag één dat er te veel op de rol van de private sector wordt gefocust. Ondertussen zijn we twee jaar verder en is hier nog weinig aan veranderd, zoals het Guardian rapport van 18 februari pijnlijk duidelijk maakt.

Economic Partnership Agreement (EPA)
Partners die niet evenveel profiteren van een handelsverdrag komt vaker voor in Afrika. In januari sprak de EU met de Oost-Afrikaanse gemeenschap over een economisch partnerschap. De handel tussen deze twee groepen wordt geschat op $7.9 miljard. De Oost-Afrikaanse landen zijn  bezorgd over het partnerschap. Het principe van non-executie, wat onderdeel is van de overeenkomst, geeft een handelspartner het recht om contractuele verplichtingen uit te stellen wanneer een land mensenrechten schendt, niet aan goed bestuur criteria voldoet of zich niet aan de rechtsstaat houdt. Volgens critici leidt deze non-executie clausule tot unilaterale interpretatie en uitvoering, waarbij de EU aan het langste eind trekt.

Door Laura Ritter

Bronnen: Feed the Future, The Guardian I, The Guardian II, African Presidental Center, Oxfam International, Africa Review

Aanmelden nieuwsbrief

Meeschrijven voor de FMS? Stuur je inzending (maximaal 400 woorden) naar info@foundationmaxvanderstoel.nl