Update Westelijke Balkan

De landen van de Westelijke Balkan hebben belangrijke stappen gezet in het EU integratieproces: Slovenië (2004) en Kroatië (2013) zijn EU-lid terwijl Albanië, Macedonië, Montenegro en Servië kandidaat-lid zijn. Bosnië-Herzegovina en Kosovo, waar de oorlogen de diepste wonden hebben achtergelaten, hopen zich op korte termijn bij de laatste groep aan te sluiten. Hoe staan de landen er politiek voor? Wat heeft EU integratie de landen gebracht in termen van vrede, stabiliteit, rechtstaat en democratie? Ondanks dat de EU zelf voor grote uitdagingen staat, zoals de Brexit, migratiecrisis en opkomst van populistische partijen die aan de basiswaarden van de EU schudden, moet het toetredingsperspectief een belangrijke impuls zijn voor hervormingen die de economische en politieke situatie zullen verbeteren en een leegloop van hoogopgeleide jongeren zullen tegenhouden.      

Albanië

Van alle landen in de regio geniet de ingeslagen weg richting EU-lidmaatschap de grootste steun in Albanië. Na zich bevrijd te hebben van een Stalinistisch regime vaart Albanië steeds beter mee in de vaart der volkeren. Nadat hij de hoofdstad Tirana een enorme boost gaf als burgermeester, poetst premier Edi Rama (Socialistische Partij) het imago van zijn partij (veel jonge mensen en vrouwen kregen belangrijke posten) en het land verder op. Grote uitdagingen liggen er op het gebied van corruptie, georganiseerde misdaad en justitiële hervormingen. Het openen van  onderhandelingshoofdstukken 23 (rechtstaat) en 24 (fundamentele rechten) zal de EU grote mogelijkheden verschaffen om hervormingen op dit gebied door te zetten. Zorgwekkend is het grote aantal Albanese jongeren dat geen toekomst ziet in het land en werk probeert te zoeken in EU landen.

Bosnië-Herzegovina

Na jarenlange stagnatie door interne verdeeldheid leek het land dit jaar eindelijk concrete stappen te zetten in het Europese integratieproces. In juni van 2015 trad het Stabilisatie- en Associatieverdrag (SAA) in werking en in februari van dit jaar diende Bosnië een aanvraag voor EU lidmaatschap in. Deze stappen waren mede te danken aan een strategische verschuiving: de EU overtuigde de nationalistische politici om een deal te sluiten waarbij hervormingen gelinkt aan EU integratie zich zouden richten op sociaaleconomische aspecten en niet op grondwettelikke barrières die de hervormingen dwarsbomen. Het lukte echter de nationalistische politici, zoals zo vaak de laatste jaren, om het land verder te polariseren langs de etno-nationalistische lijnen. Een referendum in het overwegend Servische deel van het land, Republika Srpska, over de nationale feestdag wordt gezien als een opmaat naar een onafhankelijkheidsreferendum en heeft de retoriek over een mogelijk gewapend conflict en destabilisering van de regio doen toenemen. De nationalistische en overwegend corrupte elite gedijt wel bij polarisering en ziet geen baat bij verdere EU integratie die hun machtspositie zou kunnen ondermijnen. Druk van buiten (EU) en binnen (multi-etnische oppositie en maatschappelijk middenveld) is nodig om de politici die al jaren de dienst uitmaken aan de kant te schuiven.

Macedonië

Na Slovenië en Kroatië leek Macedonië eerste in de rij om toe te treden tot de EU. Het land is sinds december 2005 kandidaat-lid maar kon dankzij een Grieks veto niet beginnen met onderhandelingen over toetreding. Wat volgde was het aanwakkeren van nationalisme, inperken van vrijheden en geleidelijk afglijden richting een dictatuur onder leiding van de premier Gruevski. Een groot corruptieschandaal van hoge regeringsfunctionarissen leidde tot massale straatprotesten en de roep om aftreden van Gruevski en nieuwe verkiezingen. Na meervoudige bemiddelingspogingen van de EU zijn de belangrijkste politieke partijen overeengekomen om een overgangsregering te vormen en voorwaarden te scheppen voor vrije en eerlijke verkiezingen in december van 2016. Dit zal een grote test worden voor de veerkracht van de jonge democratie.

Montenegro

EU-kandidaat-lid Montenegro heeft zich succesvol gepositioneerd als kampioen in regionale samenwerking. Sinds zijn afkeer van oud-Servische President Milošević heeft de langstzittende leider van Europa, Milo Djukanović (Democratische Partij van Socialisten, DPS), de steun van het Westen gekregen om zijn land als een onafhankelijke staat richting de EU te leiden. Inmiddels zijn 24 van de 35 hoofdstukken van de toetredingsonderhandelingen geopend en daarmee hervormingen op cruciale gebieden in gang gezet. Zo is de vrijheid van media versterkt en heeft het parlement meer bevoegdheden gekregen. Deze hervormingen knagen echter ook aan de machtsbasis van Djukanović die zich genoodzaakt zag om een deel van de oppositie tot zijn overgangsregering toe te laten. De parlementsverkiezingen in oktober van 2016 zouden voor het eerst sinds 1991 voor politieke verschuivingen kunnen zorgen. DPS zal de verkiezingen winnen maar het valt te bezien of ze een meerderheid kunnen smeden in het parlement. De linkse oppositie is vooralsnog verdeelt wat de premier in hand speelt.       

Kosovo

In april van dit jaar trad het Stabilisatie en Associatieverdrag (SAA) in werking, een belangrijke stap voor het land dat door vijf EU-lidstaten niet wordt erkent. Intern zijn er grote uitdagingen. Kosovo is een de facto protectoraat van het Westen dat, met name, achter de schermen grote invloed heeft op het besluitvormingsproces. De nationalistische oppositie beweging Vetëvendosje! (Zelfbeschikking) krijgt steeds meer steun door hiertegen te ageren. Daarnaast willen ze de politiek schoonvegen van corruptie, geen directe onderhandelingen met Belgrado voeren en vinden ze dat de Kosovaren zich moeten kunnen uitspreken over een aansluiting bij Albanië. De internationale gemeenschap in Kosovo, met de Verenigde Staten voorop, heeft zich actief ingezet om de beweging buiten de regering te houden vanuit het oogpunt van regionale stabiliteit. Ondertussen doet Vetëvendosje er alles aan om de regering en de instituties te dwarsbomen, zoals het gooien van traangasgranaten in het parlement.         

Kroatië

De hardste eisen om toe te treden werden aan Kroatië gesteld: de EU wetgeving moest niet alleen geïmplementeerd worden maar er moest ook een track-record worden opgebouwd waaruit die implementatie blijkt. Dankzij de gestelde eisen tijdens de EU-toetredingsonderhandelingen is de rechtstaat en democratie versterkt. Daarnaast is er een verandering in de politieke cultuur in gang gezet: transparantie, integriteit en het afleggen van politieke verantwoording worden langzaam maar zeker gemeengoed. Onder druk van oppositie, maatschappelijk middenveld en de media nemen corrupte politici ontslag of worden vervolgd. Ze waken ook over de rechtstaat en fundamentele vrijheden die paradoxaal genoeg, nu Kroatië EU-lid is, soms bedreigd worden. Politieke partijen moderniseren door het versterken van de interne partijdemocratie. Zo trok de leider van de Sociaal Democratische Partij en voormalig premier, Zoran Milanović, zich terug na zijn verkiezingsnederlaag in september van 2016 – atypisch voor de regio – en hebben zich inmiddels al 5 kandidaten gemeld die met elkaar intern de leiderschapsstrijd aangaan.        

Servië  

De toetredingsonderhandelingen met de EU zijn in 2015 van start gegaan. Daarin staat het verbeteren van de relaties met Kosovo centraal. De rechtse Servische Progressieve Partij van premier Aleksander Vučić – die in 2014 48% van stemmen behaalde – heeft eind 2015 besloten om  wederom vervroegde verkiezingen uit te schrijven, nu in het voorjaar van 2016. Politieke analisten beweren dat Vučić het juiste moment koos – nu zijn populariteit nog groot is – om zijn machtspositie bij een stembusgang te bevestigen. Hij behaalde bij de vervroegde verkiezingen 48% van de stemmen. Vučić is tegelijk nationalist, voor Europese integratie en voor het onderhouden van goede banden met Rusland. Hij presenteert zich als iemand die boven de partijen staat, als de sterke man die beslissingen durft te nemen. Vučić heeft een enorme draai gemaakt de afgelopen jaren (van radicaal anti-Europees naar pro-Europees). Hij veranderde zijn taalgebruik en zijn gedrag door minder nationalistische praat over Kosovo uit te slaan. Tegelijkertijd zet hij de jonge Servische democratie onder druk. De mediavrijheid staat onder druk, er is sprake van ongezonde verstandhouding tussen de oppositie en de regering waarbij de oppositie wordt gedemoniseerd en er is sprake van machtsconcentratie bij één man. De EU lijkt dit voor lief te nemen zolang de premier zijn afspraken met Kosovo nakomt. De oppositie is verdeeld en de grootste oppositiepartij (Democratische Partij) is sterk verzwakt na vertrek van voormalig president Tadić. Hij richtte een nieuwe partij op (Sociaal Democratische Partij) na onenigheid met de partijleiding. In 2015 zijn er pogingen geweest om de oppositie bij elkaar te brengen om een coalitie te vormen in de aanloop naar vervroegde verkiezingen. Dit is echter niet gelukt. De oppositie tracht voor de presidentsverkiezingen van 2017 een gemeenschappelijke onafhankelijke kandidaat naar voren te schuiven.  

Door: Danijel Tadić

Aanmelden nieuwsbrief

Meeschrijven voor de FMS? Stuur je inzending (maximaal 400 woorden) naar info@foundationmaxvanderstoel.nl